Zwaan

 

 

 

Hoorn: gietijzeren bovenlicht uit 19e eeuw met zwaan

 

Het zou al een wonder zijn als de zwaan met zijn schitterende witte gestalte en sierlijke vormgeving geen rol van betekenis had gespeeld in oude mythen en legenden. We komen hem tegen in Germaanse mythen, maar ook bij de oude Grieken.

 Germaanse mythen

Aat van Gilst schrijft in zijn boek De Eeuwige ordening (pag 302) een aantal zaken die hij over de zwaan heeft gevonden.In de bronstijd komt het zwanenmotief al veel voor op allerlei voorwerpen: ketelwagens, zwaarden, schilden, scheermessen, sieraden.

Schepen met zwanenkoppen zijn te vinden op Zweedse rotstekeningen. En 2000 jaar later hebben de Vikingschepen nog (steeds?) voorstevens in de vorm van een zwanenhals. 

In de mythen komen walkuren (godinnen die het levenslot in handen hebben) voor, die op zwanenvleugels boven het slagveld zweven om gesneuvelden naar het Walhalla te brengen. 

Zo is er ook een middeleeuwse sage van een zwaanridder (Lohengrin) die zijn boot laat trekken door een zwaan. Hij komt plotseling en ook verdwijnt hij weer op mysterieuze wijze, vrouw en kinderen achterlatend. De sage kan een verwijzing zijn naar de zonnegod.

 

Het wapen van Molkwerum

Griekse mythen

In de bronstijd zijn de noordelijke volken (hyperboreeërs volgens de Grieken) naar het zuiden getrokken en kunnen hun zwaancultus meegebracht hebben.

Volgens Griekse schrijvers kwam de god Apollo uit het land van de noordelijke hyperboreeërs op een met zwanen bespannen scheepswagen. Elk jaar komt hij met dit voertuig uit het noorden, zijn woonplaats, naar Delphi en naar het eiland Delos. Apollo staat ook wel net als Helios voor de zonnegod en de zwanen kunnen dus heel goed een rol hebben gespeeld in een zonnecultus.

Er is een Griekse vaas bekend uit de 5e eeuw BC, waarop Apollo is afgebeeld, gedragen op sterke zwanenvleugels.

 

De zwanenzang

De zwaan is verbonden met leven en dood. De oude Grieken (Plato, Aristoteles, Socrates en Aeschylus) noemen de zwanenzang al in hun werken. De zwaan zou de gave van de voorspelling bezitten. Zo zou hij zijn eigen einde voelen naderen en dan een zangerig geluid voortbrengen. In de 18e en 19e eeuw duikt het dan ook weer op in de Europese literatuur.

 

Cygnus cygnus met gele snavel

De grote wilde zwaan Cygnus cygnus heeft vroeger ook wel Cygnus musicus geheten (eng: whooper swan).  Zowel de grote wilde zwaan als de knobbelzwaan waren in Griekenland bekend. Tijdens het vliegen maken beide soorten met hun vleugels een soort fluitend geluid.

De grote wilde zwaan is een trekvogel vanuit het noorden en deed Griekenland dus pas aan als er zich een strenge winter voordeed. Het horen van de fluitende toon van een groep zwanen zou dus wel eens de basis kunnen zijn van de legende. In de winter waren je overlevingskansen toch al wat minder groot.

 

De knobbelzwaan kan daarnaast ook een trompetterend geluid voortbrengen. Of dat ook met zwanenzang bedoeld geweest is, lijkt minder waarschijnlijk.

 

Friese ûleborden

 In het Friese ûlebord komen, zoals bekend, ook 2 zwanen voor. De suggestie wordt vaak gedaan, als zou dit een heel oud Fries symbool zijn. In elk geval is de oudste verwijzing naar een een dergelijk uilenbord tot nu toe een rekening uit 1669 van een Friese timmerman die voor een boer een reparatie "aen de uille bord en swanne halsen" verrichtte. 

 

Verspreid over delen van de provincie  Friesland kom je 6 typen uleborden met zwanen tegen. Elke streek heeft min of meer zijn eigen karakteristieke vorm.

Voor de 6 vormen verwijs ik graag naar een van ulebordmaker-sites: http://www.uileborden.net/

Op de foto hierboven zie je het Gaasterlandse type.

Op de makelaar bevindt zich een opengewerkt gedeelte: de zogeheten harp.

Een ander benaming is de "fiif ekers" ofwel "de vijf akkers". Deze harp kan in het groen of in wit zijn uitgevoerd, als aanduiding van het eigendomsrecht van de boerderij of schuur. Een groene harp wilde zeggen, dat de boer eigenaar was van de boerderij en een witte harp duidde op een pachtboerderij.

Vaak is het feitelijke uilengat 'opgevuld' met een klein vogeltje/zwaantje, dat mogelijk gezien kan worden als een algemeen vruchtbaarheidsteken.

Tevens typerend voor dit Gaasterlandse type is de lange 'rode tong' die over elk van de halzen ligt.

Meer over de ûleborden verderop op deze pagina.

Zierikzee: Lutherse kerk

Luther en de Zwaan

 

Lutherse kerken zijn te herkennen aan de zwaan op het dak of aan de gevel. Dit vindt zijn oorsprong in een oude legende die verbonden is aan de Tjechische hervormer Johannes Hus, die aan het begin van de 15e eeuw de wantoestanden binnen de RK kerk aan de kaak stelde. Het Concilie van Trente riep hem ter verantwoording.

 

Johannes Hus kreeg van keizer Sigismund aanvankelijk een vrijgeleide, maar dit mocht niet baten. De kerkelijke autoriteiten namen hem gevangen en veroordeelden hem tot de brandstapel.

In afwachting van de voltrekking van het vonnis schreef hij: “Jullie zullen nu een gans braden (“hus” is het Boheemse woord voor gans) maar over 100 jaar zullen jullie een zwaan horen zingen, die gij wel moet verdragen, en daar zal het ook bij blijven, zo God het wil”.

Later herinnerde men zich deze woorden van Hus en meende dat het sloeg op Maarten Luther.

Zo werd de zwaan het symbool van Luther en de Lutherse kerk.

 

Lutherse kerk te Zierikzee

 

Zoetermeer: kajuitboorden met zwaanmotief (foto: Ger van Hulst)

 

Vianen: zwaan in het bovenlicht

 

De zwanen van het Friese ulebord

 Er is veel geschreven over de zwaan als vruchtbaarheidssymbool en als symbool van de 'eigenerfdheid' van de Friese boeren (zie mijn opmerkingen bij de Odal). Deze zwanen lijken niet doorlopend vanuit de oudheid in gebruik te zijn geweest. Dus daarover kunnen we niet met zekerheid iets zinnigs zeggen. 

De oudste vermelding van een ulebord is een rekening uit 1669 van een timmerman. Hierin werd een “uille bord” beschreven. Het is ook sinds de 16e eeuw, dat bij het Friese boerenhuis schuren gebouwd werden in plaats van hooibergen. Pas toen kon de vorst van het dak worden afgeschermd met een ulebord. 

Of het woord ule verwijst naar een uil, wat op zich wel mogelijk is omdat die via een vlieggat in het ulebord de schuur konden bereiken, of naar het knechtje Oele zoals de voorloper van Zwarte Piet heette, is ook nog niet eenduidig beslist. Steenuilen en kerkuilen waren op de boerderij zeer welkom omdat ze de muizenpopulatie in bedwang konden houden. 

Maar mogelijk is de zwaan ontstaan uit de. odalslinger. Het (enige) bewijs hiervoor is het ulebord van boerderijen, die niet een zwaan maar odalslingers aan weerzijden van de makelaar hebben.Zie de foto's op de pagina:  Odal en voluten.

 

Friese boerderij met ulebord in de stad Sloten

 

ulebord in Franeker

Een nieuw ûlebord in Haskerhorne bij Joure

 

ulebord in Terhorne (Fr)

topgevelteken in Huizen (NH)

Middelburg

Middelburg: bovenlicht met zwaanmotief: mogelijk rond 1750

 

Het Zwaan-motief

 Zonder naspeuringen in de stadsarchieven is het toch moeilijk om aan te geven, in welke tijd we een dergelijk bovenlicht ongeveer een plek moeten geven. Is het huis 'De witte zwaan' in Lutherse handen geweest? Misschien, maar dat hoeft niet. 

De medaillon in het midden duidt op prerococo, maar het drukke kronkelende roedenspel is wel typisch voor de rococo. Na 1770 nam men al snel weer afstand van dit hele drukke gedoe. Het enige asymmetrische is de zwaan zelf, waardoor het ook niet typisch is voor de midden-rococo-tijd. 

Dat het in de 20e eeuw alsnog in die tussen-stijl is uitgevoerd, lijkt me ook niet erg waarschijnlijk. Kortom, als je alles op een rij zet, lijkt vroeg-rococo mij het meest waarschijnlijk.