Rijzende zon

 

Snijramen met het rijzende zon-motief komen we vooral tegen in molens en kerken. Onderstaand snijraam is te zien in het Openluchtmuseum te Arnhem, waar men de oude 17e eeuwse molen 'Het Fortuyn' uit Delft in 1920 naar toe overgebracht heeft, toen hij in Delft in de weg stond bij de uitbreiding van de Calvé-fabriek. 

De molen werd de eerste attractie van het museum dat in 1922 open ging. Of het snijraam ook al vanaf het bouwjaar in een dergelijke vorm in de molen aanwezig is geweest, valt sterk te betwijfelen. Daarvoor zijn de roeden wel erg smal. Wie hierover meer info heeft, laat het me a.u.b. weten.

 

Rijzende zon-motief in snijraam van stellingmolen 'Het Fortuyn' ,oorspr. uit Delft, nu in Openl.Mus.

 

Egypte

 Voor de herkomst van het rijzende zon-motief gaan we niet naar het land van de Rijzende Zon (=Japan), maar naar Egypte, aangezien we daar al een heel oude zonnecultus zien, waarvan ook veel bewaard is gebleven. We kijken eerst naar de zon als geheel en daarna gaan we door met het thema van de rijzende zon.  hier om een tekst te typen.

 

De heilige stier Apis, een zonnedier met de zonneschijf (en een cobra) tussen zijn hoorns.

 

Het oude Egypte

 

De god Kheperi en de scarabee

Het symbool van de rijzende zon vinden we al in de oude Egyptische cultuur.

Er was een mannelijke god van de rijzende zon: Kheperi, terwijl Atoem de god was van de ondergaande zon. Voor  alle zon-aspecten aanbad men de zonnegod Ra (ook wel: Re).

 

Scarabee als zonnedier

Een rijzende zon werd dikwijls afgebeeld op amuletten, die met de doden werden meegegeven om hen te verzekeren van een opstanding in het hiernamaals. Deze amuletten hebben dan vaak de vorm van een grote scarabee, de bekende Egyptische mestkever, een echt zonnedier, de reïncarnatie van de god Kheperi, aan wie de grote scheppende kracht in het universum werd toegeschreven.

Zoals de scarabee het doet

In scheppingsmythen is Kheperi de god die land schept uit de grote chaos/oerzee. De eerste mensen zouden zijn ontstaan uit de tranen van Kheperi. Kheperi werd iedere nacht met nieuwe energie opgeladen in de andere wereld en rolde dan de grote zonneschijf naar het aardoppervlak, net zoals de scarabee dat met een mestbal doet.

 

De valkengod Horus

Voor de oude Egyptenaren was de scarabee even heilig als het kruis voor de christenen. We treffen al scarabeeën aan in het Oude Rijk. Er zijn talloze variëteiten van scarabeeën, waaronder ook gevleugelde exemplaren. Dit kan goed samenhangen met het eveneens bekende symbool van de gevleugelde zon geflankeerd door uraeus, waar de god Horus Harmakhet (Horus van de horizon), met zijn valkenkop, mee was verbonden.

 

Scarabee met vleugels en zon

Er zijn meerdere personificaties van Horus in Egypte, want hij werd gedurende de lange Egyptische geschiedenis steeds populairder. Zijn band met de Rijzende zon werd in de Nieuwe tijd steeds sterker. Of ook Horus van invloed was op de verspreiding naar het Romeinse rijk, heb ik nog niet kunnen traceren, maar wel waren er invloeden in de richting van o.a. Assyrië.

Verspreiding

De Egyptische scarabeeën zijn overal in het Middellandse zeegebied opgedoken in landen, waar Egypte contact mee had, hetzij door handel, door oorlog of door diplomatieke contacten, tot in Spanje toe.

De meeste scarabeeën werden vooral graag gedragen door de levenden, die ze b.v. om de hals droegen of als armband of ring. Men kende er als amulet een sterke beschermende kracht aan toe. In het Middenrijk en in de tijd daarna zag je allerlei sluitzegels van klei, waarin het motief van de scarabee met behulp van een zegel stond afgedrukt. Aangezien sleutel en slot in Egypte nog niet bekend waren, had de scarabee deze beveiligende functie.

 

Scarabee onder gevleugelde zon op borsthanger van Toetanchamon

 

 

Amulet met rijzende zon op het kopschild uit palestina: 17e eeuw BC

Het beeld van de rijzende zon heeft zich vanuit Egypte verspreid naar de Aziatische culturen en (veel later, in de klassieke tijd) naar de Griekse en Romeinse wereld. Vooral de Romeinen hadden veel interesse in Egyptische ornamentiek. Maar er is nog een andere misschien veel belangrijker route voor het zinnebeeld van de rijzende zon.

 

Syrie

Oude Joodse muurschildering met ornamenten boven de deuren.

Rijzende zon-bovenlichten op muurschildering van synagoge te Damascus (AD 250)

 

Het Romeinse rijk (tekstbron Dave Abdellah)

 

Oud-Iraanse oorsprong

In de eerste eeuwen na Chr. was de Mithras-cultus veel populairder dan het christendom. Overal in het Romeinse rijk had je Mithras-heiligdommen. De Mithras-cultus was afkomstig uit Perzië en de Indusvallei en was een echte zonnecultus. Met deze cultus deden de Oosterse zonnesymbolen hun intree in het Romeinse rijk, waaronder ook het beeld van de rijzende zon.

 

De Perzische zonnegod Mithras gold al als Het Licht de wereld, en, geboren uit een maagd Anahita, was hij een middelaar tussen de oneindig verre hemelgod en de mensheid. En zelfs een term als de Goede Herder was al op Mithras van toepassing.

 

Romeins: 4e of 3e eeuw BC: Sol invictus als onderdeel van de Mitrash-cultus.

Weg naar Rome

Terwijl de Mithras-cultus in de voorchristelijke eeuwen steeds verder was opgerukt door Klein Azie tot de westkust van het huidige Turkije, had het zich inmiddels van tal van religieuze elementen uit regionale mysteriecultussen eigen gemaakt en was het mithracisme geboren, zoals het later in Rome beleden zou worden.

Pas toen in 133 v. Chr. de Romeinen Pergamon hadden veroverd en 2 legioenen in Asia Minor stationeerden, lag de weg voor Mithras naar het westelijke deel van het Romeinse rijk open. Mitrash sprak de soldaten wel aan: ze zagen in hem een voorbeeld van vechtlust, trouw en mannenbroederschap. Ook hielpen slaven en handelaars de cultus verspreiden naar alle steden van het rijk.

 

En zoals te verwachten werd de hoofdstad Rome een belangrijk centrum van de Mithras-religie, die er zijn grootste bloei beleefde in de 2e tot begin 4e eeuw. Keizer Aurelianus (270-275) bouwde een grote tempel ter ere van de Zon, als enige hemelse, almachtige en goddelijke kracht, op het campus Martius.

 

Om de vier jaar waren er nu ook grootse feestelijkheden ter ere van de nieuwe staatsgod en de zonnecultus kreeg hiervoor een eigen priesterkorps.
Deze zonnecultus was niet echt de leer van het mithracisme, maar het deed er wel zijn voordeel mee. In 307 riepen keizer Diocletianus en zijn medekeizers Mithras uit tot Weldoener van het Rijk. Nu stond de Mithras-cultus op het toppunt van zijn macht.

 

Overname van rituelen, symbolen en gedachtengoed
Keizer Constantijn (ook een Mithras-ingewijde) koos in 310 voor de christenen. In aanvang was er toen nog niet sprake van een strijd tussen de beide godsdiensten.

Dat het christendom meer en meer terrein won, is vooral te danken aan het feit dat het christendom veel van de ceremonies en leerstellingen van het Mithracisme overnam. 

 

Een paar voorbeelden: de persoonlijke relatie tussen mens en god, wat in de Romeins/Griekse godsdienst niet bestond. Deugden als zelfverloochening, zelfcontrole en seksuele onthouding. Het geloof in onsterfelijkheid, een hiernamaals en een laatste oordeel. Een rituele doop en rituele maaltijd met brood en wijn. Het kweken van een broederschapsband tegen de krachten van het kwaad/het duister. De Zondag was al de dag, opgedragen aan Mithras. Bij de winterzonnewende (Kerst) vierde men al de geboorte van Mithras.

 

Het christendom werd staatsgodsdienst

In 382 beval keizer Gratianus dat alle heidense beelden moesten verdwijnen uit het gebouw van de Romeinse Senaat. Met Theodosius I in 391 werden alle heidense offers in Rome en alle bezoeken aan heidense tempels verboden. Een jaar later ging het hard tegen hard: elke niet-christelijke praktijk werd zwaar bestraft. Mithras verdween uit de Romeinse cultuur, maar een deel van haar cultuur en gedachtengoed bleef voortleven in het christendom.

Het christendom was nu pas echt staatsgodsdienst en kreeg na de val van het Romeinse rijk ook nog eens de Germaanse invloeden nog eens te verwerken.

 

Christus als de Rijzende Zon 

De Zonne der Gerechtigheid werd door de eeuwen heen op en top een christelijk symbool. Via kerken en kloosters werd het al in de Middeleeuwen door Europa verspreid en is sindsdien steeds weer toegepast als ornament, ook in paleizen, burgermanswoningen en boerderijen.

 

Amsterdam Oudezijdsvoorburgwal: ca. 1850 (?)

 

Dordrecht: vermoedelijk 19e eeuw

 

Amsterdam: Oudezijdsvoorburgwal : 1e helft 19e eeuw

 

Meppel

Tuinhuisje uit Meppel (nu als kopie in Openluchtmuseum Arnhem) uit 1860

 

Het bovenstaande tuinkoepeltje is een kopie van een huisje uit Meppel, gebouwd in 1860. De originele koepel heeft een kelder en een trapje naar de deur. In het begin van de 17e eeuw werd het in Holland gebruikelijk om bij buitenplaatsen van welgestelde burgers tuinpaviljoentjes te bouwen, waar men kon genieten van het landschap, een kop thee of iets sterkers. Ze waren onderdeel van een statige tuinaanleg met lanen, heggen en priëlen. 

Vanaf de 18e eeuw kwamen deze paviljoentjes in het hele land voor. De vorm was sterk aan de mode van de tijd onderhevig.Ook het eenvoudige snijraam van het 'rijzende zon'-type stamt uit het bouwjaar.

 

Amersfoort

 

Amersfoort: rijzende zon 19e eeuw

 

Zutphen

Zutphen: rijzende zon, over twee bovenlichten gespreid

 

Amsterdam

Amsterdam: Herengracht : 1e helft 19e eeuw

 

Amsterdam Keizersgracht 20e eeuw